Wandkleed 7 mei 2006

Op zondag 7 mei na de Eucharistieviering van 10.30 uur is in de kerk van Onze Lieve Vrouw Hemelvaart het wandkleed, of zoals de maaksters zeggen: de quilt, overhandigd aan de parochie. Ruim twee jaar geleden zijn vijf vrouwen gestart met het maken van dit werk. De aanleiding was het aanstaande 125 jarig bestaan van de, toen nog, parochiekerk.
Allereerst moest er een ontwerp gemaakt worden. Gelukkig vonden wij Eddy Tierney bereid dit voor ons te doen. Nadat de stoffen gekocht waren, zijn wij aan de slag gegaan. Na allerlei aanpassingen van het ontwerp heeft Gerard van Dijk de laatste invullingen voor ons getekend.
Er is met veel liefde heel veel tijd gewerkt om tot dit resultaat te komen. Als het niet helemaal ging zoals wij wilden, spraken we elkaar moed in. Pastoor Groenewegen heeft af en toe om het hoekje gekeken, als de dames in de pastorie bezig waren en gaf dan ook, als dit nodig was, advies. De dames die de quilt gemaakt hebben komt alle eer toe Riet en Wil van Rijn, Vicky Brinkman en Elianne Honckheere en niet te vergeten Greet Boek

Het wandkleed bestaat uit drie gedeelten. In het midden een afbeelding van Maria, afkomstig van een oorspronkelijk glas in lood (van Onze Lieve Vrouw van Lourdes) uit het Missiehuis in Cadier en Keer. Maria, de moeder van Jezus, Moeder van Smarten, Maria van Eik en Duinen, de patrones van onze parochie.

De delen links en rechts verbeelden de zeven sacramenten.
De linkerzijde verbeeldt het begin van het leven, doop, biecht en huwelijk. Vergeving en (weder-) geboorte in water staan centraal, vandaar de doopschelp met het levengevend water en de doopkaars, de paarse stola van vergeving en verzoening. De jacobsladder voor de bevrijding uit de donkere wolken van het kwaad. Het olijftakje duidt op de zalving met olie bij de doop. De doopkaars met alpha van het begin. De ringen en de huwelijkseed staan voor het sacrament van het huwelijk ingezegend met water.

De rechterzijde is meer de kant van de volheid. Bisschopstaf, mijter en duif voor het vormsel, waarbij de bisschop de geloofsleerling zalft en daarmee toelaat tot de volheid van het geloof. De kelk, de wierook, het Evangelieboek en de witte stola staan voor het priesterschap, waarbij de handen van de priester gezalfd worden met olie. Aan het eind van het leven zalft de priester de gelovige met olie hoofd en hart en handen (en voeten) om hem ervan te verzekeren dat God hem een reisgezel stuurt voor de laatste reis. De doopkaars is opgebrand, omega van het einde. Zalven met olie staat centraal bij deze sacramenten. Vandaar het kannetje olie dat priesterschap, vormsel en ziekenzalving verbindt.

Hét bindende element is de Eucharistie, het sacrament van Woord en Tafel, bij uitstek het sacrament van de katholieke kerk. Het wordt verbeeld met wijntrossen, druivenranken, tarwe-aren en brood, zowel links als rechts, als in de randversiering. Druiven en tarwe als symbolen van brood en wijn, die voedsel voor ons leven worden.







terug